Skip to main content
Fara is gesloten van vrijdagnamiddag t.e.m. paasmaandag. U kan steeds terecht bij Tele-onthaal, 24u/24 en 7d/7 op het nummer 106.

De keuze voor een vruchtwaterpunctie was ontzettend moeilijk

Sarah & Jasper, 30

Bij het begin van haar zwangerschap verneemt Sarah dat ze een CMV-infectie heeft opgelopen. Om zeker te zijn of de infectie overgedragen is naar de baby, beslissen Sarah en Jasper om een vruchtwaterpunctie te laten uitvoeren op 22 weken zwangerschap.

Toen de huisarts ons in het begin van de zwangerschap vertelde dat ik een CMV-infectie had opgelopen, maakten we ons nog niet onmiddellijk zorgen.  We kregen heel wat informatie en cijfers over risico’s te verwerken. Wij begrepen hieruit dat de kans het grootst was dat er niets mis zou zijn met de baby, dit was voor ons het belangrijkste. We zijn beiden nogal positief en nuchter ingesteld en daarenboven was het onze tweede zwangerschap. Met een tweejarige peuter in huis hadden we niet veel tijd om hier lang bij stil te staan. Gelukkig, want achteraf gezien hebben wij toch meer dan de helft van de zwangerschap in onzekerheid geleefd.   

Het moeilijkste moment was voor ons de beslissing om een vruchtwaterpunctie te laten uitvoeren. Aanvaarden wij de risico’s van de punctie terwijl er misschien helemaal niets mis is met onze baby?

Op 22 weken zwangerschap voelde ik mijn kindje ook al goed bewegen, het idee dat er iets kon mislopen was voor ons erg beangstigend.

Uiteindelijk kozen we er toch voor om de punctie te laten uitvoeren. We hadden besproken dat indien ons kindje een zware handicap ten gevolge van de CMV-infectie zou hebben, dat we dan de zwangerschap zouden afbreken. Achteraf gezien kunnen we dit wel zeggen, maar eerlijk gezegd heb ik geen idee wat we gedaan hadden, moest het zover zijn gekomen.   

Na de punctie moest ik het een aantal dagen rustig aan doen. Na drie dagen belde de gynaecoloog met het verlossende resultaat: de CMV-infectie was niet overgedragen naar ons kindje. De opluchting was immens, de helft van de zwangerschap hebben we immers moeten leven met een ‘stel dat…’. Toen ons kindje pasgeboren was, werd zijn urine een laatste keer onderzocht. Ook nu konden ze geen sporen van een mogelijke CMV-besmetting terugvinden. Eindelijk konden we de ‘stel dat’ afronden…

* Sarah en Jasper zijn fictieve namen

Zit je in een vergelijkbare situatie?

Sta je voor een gelijkaardige keuze? Wil je graag meer weten over CMV en je keuzemogelijkheden? Klik dan hier.