Skip to main content

Vandaag is de abortuswetgeving 28 jaar oud. Bij Fara denken we in bijzonder aan alle vrouwen en koppels die wij begeleidden in hun keuzeproces.

Blog

Vandaag had ik een gesprek met Emma*, een jonge, levenslustige vrouw van 24 jaar. Ze heeft een prille relatie waar ze zich erg goed in voelt, een nieuwe job waar ze voluit voor wil gaan en ze is op zoek naar haar eerste eigen stekje. Ze heeft het gevoel ‘aan het begin van haar volwassen leven te staan’. Haar enthousiasme werkt aanstekelijk.

Emma komt langs omdat ze 7 weken zwanger is, ongepland. Ze had haar best gedaan om een zwangerschap te vermijden. Hormonale anticonceptie verdraagt ze niet goed, maar zij en haar vriend vrijen steeds met condoom. ‘Blijkbaar is er ééntje door de mazen van het net geglipt’, lacht ze, haar teleurstelling duidelijk voelbaar. Ze heeft samen met haar vriend beslist dat ze een abortus zal laten uitvoeren, de afspraak ligt al vast. ‘Wat brengt je dan naar hier?’, vraag ik, ‘Wat kan dit gesprek voor jou betekenen?’.

‘Ik weet heel zeker dat ik een abortus wil’, zegt Emma, ‘maar wat als ik het er later moeilijk mee krijg?’. We praten een hele tijd over haar goede redenen om voor de abortus te kiezen. Zelf kind van gescheiden ouders, heeft ze het heel hard gemist om met haar beide ouders op te groeien. Ze wil haar kind tegen hetzelfde verdriet beschermen. Haar relatie zit wel goed, maar het is nog te vroeg om te beslissen ‘om voor altijd samen te blijven’. Praktisch gezien zou ze een kind wel kunnen inpassen in haar leven, maar ze voelt dat ze dit nog niet wil. ‘Ik denk dat ik een betere mama zal zijn als ik nog wat meer heb kunnen experimenteren in mijn leven’. Ze moet opnieuw een beetje wrang lachen ‘Amaai, dat klinkt wel erg egoïstisch als ik dat zo zeg, maar toch voelt het zo. Ik wil men kindje later niets verwijten’. Het doet haar zichtbaar goed als ik benoem hoeveel zorg ik in haar verhaal hoor, hoe belangrijk ze het blijkbaar vindt om een goede mama te zijn.

En dan komt de andere kant van het verhaal. Emma begint te wenen. Ze wil eigenlijk wel graag kinderen, in haar toekomst ziet ze een groot gezin. Ook haar nieuwe vriend deelt dat verlangen. ‘Hoe ga ik mij later voelen als ik kinderen krijg? En dit kindje mocht er niet zijn? Wat zegt dat over mij?’. Ze vertelt over haar worsteling. Ze heeft nooit problemen gehad met abortus, nog steeds niet, maar langs de andere kant lijkt het moeilijk om die keuze nu in te passen in haar eigen verhaal. ‘Het wringt’.

We praten nog een hele tijd verder. Ze vertelt het verhaal van een meisje dat steeds veel zorg gedragen heeft voor de mensen rondom zich, een meisje dat nooit voor zichzelf koos. We hebben het over de andere weg die ze kort geleden is ingeslagen, een eigen weg en hoe de ongeplande zwangerschap hier terug aan knaagt. Ze vertelt over haar mama die graag kleinkinderen wilt, over hoe belangrijk haar goedkeuring is. Het verhaal kabbelt voort.

Wanneer we ons gesprek afronden, is ‘het wringen’ niet weg. Toch is Emma opgelucht. ‘Het heeft goed gedaan om er over te kunnen vertellen, zegt ze, ‘misschien kom ik na de ingreep nog eens langs’.

* Emma is een verzonnen naam

Silke Brants
Stafmedewerker Fara
April 2018